top of page
GCG koppermaandagprent 2026 Wiegers.jpg

Kopperprent 2026

GCG koppermaandagprent 2026 Wiegers.jpg

Groninger landschap met kanaal van Jan Wiegers, een was-/ olieverfschilderij uit 1923 dat eigendom is van het Groninger Museum.

Foto: Marten de Leeuw

Ieder jaar een Kopperprent
​

Grafiekwerkplaats Grafisch Centrum Groningen geeft ook dit jaar op Koppermaandag weer een Kopperprent uit.

Dit jaar staat op de Koppermaandagprent van het Grafisch Centrum Groningen een schilderij van Jan Wiegers afgebeeld. Jan Wiegers is een van de grote namen van kunstenaarsgroep De Ploeg. Hij was in 1918, samen met onder meer Jan Altink en Johan Dijkstra, oprichter van het gezelschap.

Op de Koppermaandagprenten, die het Grafisch Centrum sinds 1996 uitgeeft, staat steeds een schilderij afgebeeld van een van de leden van De Ploeg. Het Grafisch Centrum werd namelijk ruim zestig jaar geleden opgericht door leden van De Ploeg. In de grafiekwerkplaats van het Centrum staan ook verschillende drukpersen die zijn gebruikt door Ploeg-leden, zoals Dijkstra, Altink, Faber en Van der Baan. Voor de prent voor 2026 is gekozen voor het schilderij Groninger landschap met kanaal van Jan Wiegers, geschilderd in 1923 en in bezit van het Groninger Museum. Grafisch bedrijf MarneVeenstra drukte de Kopperprent op zijn milieuvriendelijke achtkleurendrukpers.

Koppermaandag valt op de eerste maandag na Driekoningen, dus de eerste maandag na 6 januari; dit jaar is dat 12 januari. De Koppermaandagviering is een traditie die nog stamt uit de tijd van de gilden. Drukkers vierden het begin van het nieuwe jaar en boden dan hun baas een mooi drukwerk aan. De werkgever zorgde in ruil daarvoor voor het nodige eten en drinken en trakteerde zijn medewerkers daar royaal op. Voor zover nog gevierd, verloopt de Koppermaandag tegenwoordig soberder. Maar wat bleef, is dat diverse drukkers elkaar een goed nieuw jaar wensen onder het genot van een kop koffie of een drankje en dat zij een prent aanbieden.

De schilders van De Ploeg schilderden veel Groninger landschappen, maar maakten ook veel stillevens, stadsgezichten en portretten. Als een van de weinigen binnen De Ploeg schilderde Jan Wiegers ook heel wat berggezichten, wat verband houdt met het feit dat hij wegens ziekte een tijdlang in Zwitserland verbleef. Op de Kopperprent voor 2026 staat echter een typisch Groninger landschap afgebeeld.

 

Jan Wiegers

 

Jan Wiegers (1893-1959) werd geboren in Kommerzijl, een dorp in het Reitdiepgebied ten noordwesten van de stad Groningen. Wiegers’ vader was herbergier en ‘karreman’, oftewel vervoerder van spullen per kar. Wiegers had al op jeugdige leeftijd veel interesse in tekenen, schilderen en beeldhouwen en ging op zijn 13e cursussen volgen bij kunstacademie Minerva in de stad Groningen. Omdat zijn ook toen al matige gezondheid niet toeliet dat hij zich verder bekwaamde als beeldhouwer, concentreerde hij zich op het schilderen. Na enkele jaren van omzwervingen in Duitsland, waar hij ook diverse tentoonstellingen van moderne kunst bezocht, kwam hij in 1914 terug in Groningen. Hier vervolgde hij zijn opleiding aan Minerva. Ook studeerde hij enige tijd aan kunstacademies in Den Haag en Rotterdam.

Wiegers had in 1918, toen De Ploeg werd opgericht, dus al duidelijk meer van de wereld gezien dan alleen Groningen en Academie Minerva. Al had zijn ontwikkeling zich nog bepaald niet uitgekristalliseerd, Wiegers experimenteerde in zijn werk ook al met vormen van ‘moderne kunst’. De aandacht voor destijds moderne kunst kreeg een sterke impuls, toen hij in 1920 vanwege een longaandoening een kuur moest volgen in Davos, Zwitserland (een kuur die mede door collega Ploeg-leden werd bekostigd). In Davos kwam hij de Duitse expressionist Kirchner tegen, met wie hij al snel vriendschappelijk omging. Kirchner beïnvloedde de ontwikkeling van Wiegers in een vrije, expressionistische richting. Nadat Wiegers terug was in Groningen, bleken het contact met Kirchner en de technieken en beeldvormen die Wiegers bij hem zag, van grote invloed op het ontstaan van het expressionisme van De Ploeg.

In 1934 verhuisde Wiegers naar Amsterdam, maar hij bleef tot na de Tweede Wereldoorlog lid van De Ploeg en bleef ook deelnemen aan tentoonstellingen van de groep. Intussen had Wiegers een stevige reputatie opgebouwd, zoals mag blijken uit het feit dat hij in 1953 werd benoemd tot hoogleraar aan de Rijksakademie van Beeldende Kunsten. 

Het op de Koppermaandagprent 2026 afgebeelde schilderij van Wiegers kan bij uitstek worden gezien als een werk waarin Wiegers zijn expressionistische opvattingen de vrije hand geeft. Wiegers schilderde een winterlandschap: een kanaal met een paar boten, een smalle weg, in de verte wat huizen, en een weiland, deels bedekt met sneeuw. Hij speelt met kleuren en met het perspectief; schildert wat hijzelf wil afbeelden. Wat op het schilderij staat, komt niet overeen met de werkelijkheid. Toch toont het schilderij een herkenbaar ‘echt’ wijds Gronings landschap, met lange wegen en kanalen en lege weilanden. Het winterse landschap is overigens niet echt leeg; er liggen boten in het kanaal en er staan huizen aan de horizon. Zo weten we dat er mensen in de buurt zijn; op de grootste boot zien we misschien ook een paar silhouetten.

Het Grafisch Centrum geeft ook ieder jaar een interne prent uit voor 'leden/betrokkenen' van het centrum.

>>> Bekijk 2026 hier

bottom of page